Paul van Kooten

Compost en hout


Een eigen compostbak – met bouwtekening

Composteren op de eigen tuin heeft veel voordelen. Het is eenvoudig, goedkoop, voorkomt een hoop gesleep met groenafval en vormt een geschikt leefmilieu voor allerlei nuttige tuindiertjes. Het hoort dan ook bij uitstek bij natuurlijk tuinieren. Een eigen compostbak kun je eenvoudig zelf maken.

Paul van Kooten

* dubbele compostbak met losse voorkant en deksel (let op het kippengaas aan de binnenzijde)

Een plaats in de (half)schaduw is ideaal. Ventilatie van de compostbak is essentieel voor een snel, goed en geurloos verlopend  verteringsproces. Een afgedekte compostbak heeft als voordeel dat de waardevolle bestanddelen niet direct in de grond wegspoelen met een regenbui. Een losse voorkant vergemakkelijkt het omzetten en uitscheppen van compost. Op internet zijn veel meer bouwtekeningen te vinden.

* bouwtekening (voorzijde)

Het meeste losse tuinafval kan prima in de compostbak, net als het meeste groenafval uit de keuken. Een compostbak (of -vat) is kant en klaar te koop, maar we kunnen er ook net zo goed zelf een maken. Het is handig om te kiezen voor een bak met verschillende kamers. Zo kunnen we materiaal blijven verzamelen, terwijl de vorige portie rustig ligt te rijpen. Plaatsing in de (half)schaduw is ideaal. Het is verder van belang om een luchtig mengsel van klein geknipt tuinafval te creëren. Allerlei organismen (zoals wormen, schimmels en bacteriën) gaan gedurende enkele maanden met het materiaal aan de slag en verteren de licht vochtige planten- en etensresten tot fraaie compost die heerlijk geurt naar verse bosgrond. Het gebruik van compost is zeer gezond voor het bodemleven en dus goed voor onze tuin.

* bouwtekening (bovenaanzicht)

Het is niet de bedoeling dat de inhoud van de compostbak gaat rotten. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren als er te veel grasmaaisel of bladeren in een keer aan het mengsel wordt toegevoegd. Dat kan dus beter gespreid gebeuren.

Niet alles is geschikt voor de compostbak: schillen van citrusvruchten verteren heel matig door hun waslaagje aan de buitenkant. Resten van ecologisch geteelde gewassen verteren makkelijker dan die van bespoten groente en fruit. Gekookte en dierlijke resten horen niet in de compostbak, omdat hierdoor ratten worden aangetrokken.

Ook is voorzichtigheid geboden met woekerend wortelonkruid of zich hardnekkig uitzaaiende planten. Die kunnen beter eerst een flinke tijd in de zon gedroogd worden. Plantenresten met ziekten en schimmels horen beslist niet thuis in de compostbak. Sommige boombladeren (van bijvoorbeeld eik en beuk) verteren heel langzaam.

Wat doen we met overtollig hout?

Stammen en dikke takken kunnen in stukken worden gezaagd voor gebruik in de houtkachel (wel eerst goed laten drogen) of om iets mee te bouwen. Stevige dunne takken (of afgeknipte bamboestaken) kun je gebruiken om (klimmende) planten te ondersteunen. Dat scheelt weer aanschaf van tonkinstokken en ziet er mooi uit in de tuin.

Met flexibele takken van bijvoorbeeld wilg of hazelaar kun je mooie vlechtwerken maken. Hiervan zijn fraaie voorbeelden te zien bij de entree van ons volkstuinpark. Overgebleven takken die niet bruikbaar lijken voor verder gebruik kunnen worden verzameld in takkenrillen of houtstapels. Die geven beschutting aan allerlei beestjes, zeker in combinatie met kruipende en klimmende planten. Het hout verteert geleidelijk tot natuurlijke compost.

Vrijwel alles wat de tuin ons geeft kunnen we opnieuw gebruiken. Hiermee houden we onze eigen kringloop in stand. Groenafval is goud waard!


Artikelen (PDF)


Foto

  • compostbak tuin 15 (Paul van Kooten)